Jaargang 33 nr. 12, december 2018

Jaargang 33 nr. 12, december 2018
In deze dagen van Advent en Kerstmis horen we: God heeft trouw zijn eens gegeven woord gehouden. Hij had de mensen zijn rijk van vrede en gerechtigheid beloofd waar mensen stil en gerust kunnen leven en gelukkig zijn. Door een nieuwe mens op aarde hééft hij zich een weg gebaand naar de mensen. Daarmee ontstond ook een begaanbare weg voor de mensen om bij hem te komen.
 
De naam van die nieuwe mens? Jezus! Zo moet Maria's zoon heten. 'De Heer redt', betekent dat. In hem kwam God naar ons mensen toe. Wij waren allang de weg naar hem kwijt… Door Jezus, met Jezus hoeven we niet meer alle kanten op te dwalen, zonder stuur en zonder richting. Nu kunnen we de weg tot God weer vinden: eenvoudig, achter Jezus aan.

Goed nieuws?
Ze zal zwanger worden en een zoon baren! Dat is eerder een dramatische wending in haar leven dan goed nieuws. Ze is al uitgehuwelijkt, aan Jozef. Die overeenkomst tussen haar familie en die van hem is al even geldig als het eigenlijke huwelijk. Ze woont nog niet bij haar man, maar wat is een duidelijker bewijs van overspel dan een zwangerschap? Wie zal Maria geloven als ze zegt dat een engel uit de hemel, heeft gezegd dat ze begenadigd is en dat het kind van de Heilige Geest komt! Zal ze nog toekomst hebben? In de Wet van Mozes immers is de straf op overspel de dood door steniging!

Die oud-oosterse huwelijksgewoonten zijn voor talloze jonge meisjes actueel. Ouders in vluchtelingenkampen huwelijken hun jongedochters uit aan volwassen mannen – om toekomst te hebben. Lang voor de sharia, lang voor de wet van Mozes gold in het Oosten al: wie geslachtsgemeenschap buiten een huwelijk is overspel. Daarop volgt steniging tot de dood. Dan huwelijken ouders hun dochter nog liever uit! '… misschien nog kans op respect en een veilige toekomst in een huwelijk en wie weet in een land waar haar man asiel krijgt.'

Gelukkig zijn er ook mensen als prinses Mabel die zich voor deze meisjes inzet met de campagne 'Meisjes zijn geen bruiden'. Laten we hopen en bidden dat langs deze weg die kind bruidjes leren zien dat er andere toekomstmogelijkheden zijn dan een gedwongen huwelijk of misbruik, mishandeling en seksslavernij – of eeuwige minachting.

God is rechtvaardig en barmhartig; zijn volk ook
Die wrede wetten van overspel zijn bij Maria niet uitgevoerd; de Torah werd niet fundamentalistisch uitgelegd! Maria kreeg haar zoon en trouwde met Jozef. Ze leefden zegenrijk voor allen die hen ontmoetten. In het Oude Testament worden overspelige vrouwen al niet vanzelfsprekend gestenigd. Zoek de voorbeelden maar op! Ook Jezus (getogen in Galilea, als zijn ouders) stond in die traditie. Denk aan die mannen die bij hem kwamen met een vrouw, 'op heterdaad betrapt op overspel'? Zij zeiden: 'Mozes heeft ons in de wet bevolen zulke vrouwen te stenigen – wat vindt u daarvan?' Jezus reageerde: 'Wie van jullie zonder zonde is, moet de eerste steen maar werpen.'

Het Jodendom had altijd al grote zorg dat feilbare mensen onterecht de doodstraf zouden uitspreken. Tijdens de ballingschap in Babel (600 jaar voor het begin van onze jaartelling) vonden gezaghebbende Schriftgeleerden een religieuze rechtbank die eens in de zeventig jaar iemand ter dood bracht 'verwoestend'. Sindsdien zijn steeds meer waarborgen rond een terdoodveroordeling gebouwd. Iemand kan alleen ter dood worden veroordeeld als een Sanhedrin van 23 rechters unaniem besluit. Anders volgt vrijspraak. En: er moeten twee ooggetuigen van de misdaad zijn die de dader onmiddellijk voor de misdaad hebben gewaarschuwd dat hij er de doodstraf voor zou krijgen. Sommige moslims houden zich fundamentalistisch aan die oude wrede shariaregels, vaak nog gewoonten uit een oudere bedoeïnencultuur. Gelukkig kunnen in onze dagen en in voorafgaande eeuwen veel meer serieuze en gelovige moslims zich er in geweten niet toe brengen zich daar aan te blijven houden!

Eigendom van de Heer 
Maria zegt tenslotte:
        'De Heer wil ik dienen:
        'laat er met mij gebeuren wat u  hebt gezegd.'
Deze vertaling is wel heel vrij. Maria zegt niet dat ze de Heer wíl dienen. Dan had ze ook kunnen zeggen: 'Ik wíl hem níet dienen'. Ze zegt: 'De slavin van de Heer.' Ze is geen vrije vrouw! Ze is niet van zichzelf, ze is ook niet van haar vader of van haar bruidegom, maar ze is van de Heer!

Een goede heer in het oude Oosten zorgt goed voor zijn slaven en slavinnen. Dat is de grote troost in haar leven – daarom kán ze ook haar hele toekomst aan hem toevertrouwen. Maria's leven rust helemaal in de hand van de Heer. Wat kan je in die veilige geborgenheid anders zeggen dan: 'mij geschiede naar uw woord.'? Rechtop, dapper en fier al is ze nog maar een jong meisje, een kind bruidje. Zo is onze enige troost in leven en in sterven dat wij eigendom zijn van Christus.
terug