Jaargang 36 nr. 4, april 2021

Jaargang 36 nr. 4, april 2021




































Gelijk hoorde ik de klanken van een van de meest aangrijpende aria’s uit de Mattheus Passion opdoemen in mijn hoofd:
       
Erbarme dich, Mein Gott  -   Ontferm U over mij, mijn God
um meiner Zähren willen! -   vanwege mijn tranen.
Schaue hier -   Zie toch,
Herz und Auge weint vor dir -   bedroefd huilt hart en oog wegens U

Als alles je ontnomen is en de grond onder je voeten is weggezakt, zoals Petrus na het verloochenen van zijn Heer, rest er niets dan God om barmhartigheid te smeken.
Zeker in deze Paastijd waarin wij het lijden, het sterven en de opstanding van Jezus gedenken. Een tijd waarin wij in onze machteloosheid uitroepen: ‘Heer, ontferm U over ons en onze kinderen. Ontferm U over heel de wereld, die zucht en kreunt onder onrecht en onvrede’. Jezus ging eraan ten onder. Aan het tekort van de wereld, aan het gebrek aan liefde en barmhartigheid. Het werd zijn dood. Nu zouden we niet van een barmhartige God kunnen spreken als dit het einde was geweest. Immers Gods barmhartigheid doelt op zijn moederlijke, liefdevolle gevoelens voor mijn mensenkinderen. Het Hebreeuwse woord voor barmhartigheid stamt van ‘moederlijf’, ‘baarmoeder’. Het drukt zachtheid, warmte en geborgenheid uit. Daarom kunnen we ‘barmhartig’ rustig vertalen met liefdevol, medelijden, compassie. Kortom met Gods goedheid die al deze eigenschappen omvat. Deze barmhartige God zou toch onmogelijk zijn geliefde kind, Jezus, hebben kunnen prijsgeven aan de eeuwige dood!? Dan zouden zijn volgelingen hun oude beroepen weer hebben opgepakt en behalve zijn familie en beste vrienden zou er amper nog iemand over hem praten.

Laat dat nou net niet het geval zijn. Ruim tweeduizend jaar later bestaat de kerk, de gemeente van Christus, nog steeds. Met de Heer levend in haar midden! Wat wij als gemeente zeggen en doen, komt bij Hem vandaan. God in zijn barmhartigheid liet zijn geliefde kind, zijn Zoon, niet over aan de vergetelheid van de dood. Hij wekte hem op, ten leven. Ons ten leven! Dat Jezus leeft, geeft ons leven zijn glans en kleur, zin en betekenis. Want als iemand begrepen heeft wat Gods barmhartigheid inhoudt, is het dit Kind, Gods evenbeeld. Hij liet zien wat barmhartigheid is: wie honger heeft te eten geven en wie dorst heeft te drinken. De naakten kleden en de vreemdelingen onderdak bieden, de zieken verzorgen, de gevangenen bezoeken en de doden begraven. U herkent ze vast als de zeven werken van barmhartigheid, waarmee het project ‘Moldavië’ (KIA) van de Missionaire Werkgroep Delfzijl (MWD) verbonden is.

Ook vandaag de dag – en misschien wel juist in deze tijd waarin het coronavirus het leven ontregelt – zijn er zóveel mensen die wachten op een warm woord, een goede daad, een beetje barmhartigheid. Hier is het God daadwerkelijk om te doen en hiervoor heeft Jezus geleefd. Van ons gelovigen wordt wel gezegd dat wij met Jezus sterven en opstaan. Met Hem lijden wij aan het leven wat ons tekort en gebrek blootlegt. Wij sterven duizend doden wanneer ongeluk, duisternis en dood ons bestaan binnendringen en met de dood voor ogen zien wij  welk leed mensen elkaar aandoen. Roepend om Gods barmhartigheid staan wij met Jezus op. Om te doen wat Hij deed. Elk naar eigen kunnen. En dat is barmhartigheid betonen zodat de ene mens goedheid ervaart bij de andere.

De sprekers op de radio en t.v. die spraken over ‘een beetje barmhartig zijn voor elkaar’ legden dit elk op eigen manier uit. De eerste viel het op dat mensen zo hard zijn voor elkaar. Vooral op social media. Op twitter worden de grofste beledigingen geuit en haatmails zijn niet van de lucht. Mensen gedragen zich meedogenloos. Genadeloos sabelen ze elkaar neer.  Deze spreker zei: ‘laten we wat meer begrip hebben voor elkaar’.  De tweede spreker had het over de gunfactor: ‘heb niet direct je oordeel klaar. Vraag de ander naar zijn en haar beweegredenen. Gun elkaar het beste en heb wat voor elkaar over’. Paulus zegt het in Romeinen 12:1, vrij vertaald, zo: ‘Wees barmhartig voor elkaar zoals God barmhartig is voor jullie’. En daar voeg ik zelf graag aan toe: en zoals Jezus ons heeft voorgeleefd en voorgedaan. Laten we daarom een beetje barmhartig zijn voor elkaar. En dat woord ook in alle vrijmoedigheid blijven gebruiken. Want de rijke betekenis ervan is amper door een ander woord te vervangen. Een betekenis die oproept om gedaan te worden met alle moeite en inspanning die dit van ons vraagt. Maar dan zal er ook wat moois geschieden. Dan breekt het bestaan open en zullen we daadwerkelijk ervaren wat het betekent ‘toekomstmensen’ te zijn. Mensen die zich hullen in Gods barmhartigheid, Jezus volgen en met hem opstaan, elke dag opnieuw. Om een beetje barmhartig te betonen.

Foto: Wikimedia Commons, titel: Japanse Tuin, Portland 
        Jeremy Reding VS, licentie: GNU Free Documentation License

 
terug