Jaargang 36 nr. 7/8, juli-augustus 2021

Jaargang 36 nr. 7/8, juli-augustus 2021
De God van Israël? De goden van Kanaän?
De godsdiensten van de Kanaänieten waren voor de Israëlieten altijd aantrekkelijk. De profeten moesten het volk terugroepen naar de Eeuwige. Baäl de mannelijke god van de hemel en zijn echtgenote Asjera, de godin van de aarde en de vegetatie, zorgden dat mensen konden blijven leven door goede oogsten. Bij de Uittocht uit Egypte, de tocht door de woestijn en de Intocht in het Beloofde Land vereerde en volgde het volk de God die onderweg meeging, de weg wees en zorgde dat er in de woestijn altijd genoeg voedsel en water was. Wat heb je aan een meetrekkende God als je op een vaste plaats woont, waar je van het land moet leven? Leveren godsdienstige gebruiken daar niet meer op?

'Ieder deed wat goed was in zijn ogen'
Na de Intocht in het Beloofde Land brak een chaotische tijd aan. Sinds de tijd van Jozua was de tabernakel met de Ark van het Verbond in Silo (Joz. 18:1), maar wie wist nog van de Tien Woorden die Israël bij de Sinaï had ontvangen: alleen de Eeuwige eren, geen andere goden en sociaal met elkaar omgaan. ). ). 'Ieder deed wat goed was in zijn ogen' (Richt. 17:6; 21:25). In Silo wordt jaarlijks een feest gevierd ter ere van de Heer en de mensen kwamen. Ook over gezamenlijk zaken van de twaalf stammen werd beslist. Er zijn ook de nodige boze plannen gesmeed en uitgevoerd.


Elk jaar van Rama naar Silo
Vanuit Rama ging de hele familie van Hanna, Peninna en Elkana (1 Samuël 1: 1-7) naar dat feest in Silo. Zij wísten nog: het heiligdom daar is gewijd van de Heer. Die had Israël had bevrijd en door de woestijn naar het Land van de Belofte gebracht. Een aangenaam en gelukkig familieleven hadden ze niet: Peninna had kinderen, Hanna niet, hun man Elkana hield juist van Hanna en daarom treiterde Peninna haar. Hanna bidt in haar wanhoop de Heer in zijn heiligdom lang om een zoon. De priester Eli denkt eerst dat ze dronken is, een van de vrouwen is die altijd in het heiligdom dienstdeden. Net zoals in de tempels van Baäl en Asjera in de omgeving moesten zij naast allerlei andere taken ook het 'heilige huwelijk' voltrekken met mannen die kwamen. De priesters, de zonen van Eli hadden het zo ingericht, alles ter bevordering van de vruchtbaarheid van land, vee en mensen. Van de offers, kwam een deel aan de priesters toe, maar zij pikten de beste stukken die voor God waren bedoeld. Toch, als Hanna Eli antwoordt, beseft hij: Hanna bidt tot de God van Israël en hij is priester van die God! Hanna durft, ondanks alles wat ze in Silo ziet, toch haar kind al op jonge leeftijd toe te vertrouwen aan de priesters, ja, aan de Eeuwige!

Nog steeds wisten Israëlieten dat de troon van God, de ark van het verbond, in Silo stond, ook al kon je geen verschil zien tussen de heidense tempels en Gods eigen heiligdom. De Eeuwige zelf wist het ook nog. Hij blijft nog stil. Samuël 'diende de Heer' onder de hoede van Eli. Wat zal hij daarvan opgestoken hebben? Visioenen kreeg hij niet, een stem uit de hemel verwachtte hij niet. Maar die vreemde nacht drong bij Eli door: het is de Heer. Die roept: 'Samuël Samuël'.

Hij gaat mee waar je gaat
De God van Israël gaat mee met mensen, waar ze ook gaan, wat hun ook wedervaart, of je hem ziet of niet. Je kunt hem bidden, maar niet omkopen met offers. Naar Baäl en Asjera, de goden van de vruchtbaarheid, de welvaart, de markt en de economie moet je zelf gaan, met offers. Hoe meer offers je geeft, des te meer geven ze jou.


Foto: zomerbloemen, licentie:  Free Documentation License


 

 
terug