Jaargang 36 nr. 9, september 2021

Jaargang 36 nr. 9, september 2021
In eerste instantie was ik daar wat huiverig voor, om een “plaatje bij een praatje” te moeten zoeken, maar allengs word ik er enthousiaster over. De afgelopen maanden had ik namelijk de ervaring dat aangereikte afbeeldingen, mij anders naar de Bijbellezingen deden kijken. Er kwamen andere aspecten, mogelijkheden naar boven en zo hebben die afbeeldingen mij verrijkt. Dit heb geprobeerd ook in de diensten/ de preken te verwerken.  Afbeeldingen kunnen zo mooie toevoegingen zijn, die de oude en soms overbekende verhalen op nieuwe wijze met ons leven in het hier en nu verbinden!
Tijdens onze vakantie in het oostelijk deel van Gelderland bezochten wij de prachtige kerk in Kranenburg. Deze kerk is ontworpen door de bekende 19e -eeuwse architect PJ. H. Cuypers. Wat ik niet wist dat deze bouwmeester veelzijdig begaafd was. In deze kerk van Kranenburg was een expositie van P. Cuypers, met een deel van zijn omvangrijk oeuvre.

We zagen onder meer een piëta.    
Piëta is Italiaans en heeft de betekenis van: medelijden, erbarmen, barmhartigheid, compassie, vroomheid. Een Piëta laat een afbeelding zien van Maria met Christus lichaam op haar schoot, na de kruisiging.
Deze piëta van P. Cuypers deed mij terugdenken aan andere piëta’s, die ik had gezien. In de Sint-Pieterskerk in Vaticaanstad bijvoorbeeld, die veel indruk op mij heeft gemaakt en voor mij het mooiste uit deze kerk is.
Deze piëta deed mij ook terugdenken aan een les tijdens een nascholing enkele jaren terug, over de mogelijkheden om afbeeldingen te gebruiken bij het werken in de geloofsgemeenschap. Naar aanleiding van die lessen heb ik toen een stukje in het kerkblad van de Protestantse Gemeente Burgum geschreven.

Nu wij deze dagen weer zo met onze neus op de feiten worden gedrukt, en onder ogen hebben te zien, dat voor miljoenen mensen de toekomst zeer zorgelijk en angstig is. Mensen, die vrezen voor het leven van henzelf en/of voor hun geliefden. We denken dan natuurlijk allereerst ook aan Afghanistan en Haïti. Aan alle leed wat mensen lijden.
Daarom sluit ik dit hoofdartikel af met de bijdrage die ik destijds schreef. Het is nog steeds actueel.


Vincent van Gogh heeft veel schilderijen gemaakt met een onderwerp uit de christelijke traditie. De docent liet een aantal van deze schilderijen zien. Onder andere zijn Piëta: Piëta naar Delacroix, 1890
De piëta van Van Gogh ziet er zo uit: Een Maria in blauwe kleren, de dode Jezus in haar schoot. In een rotsig, droog landschap. Het schilderij is gemaakt in een kleurstelling die karakteristiek is voor van Gogh is; veel blauw en geel en allerlei groen- en bruintinten.

Wat mij opvalt, is dat Christus niet door Maria vastgehouden wordt. Haar handen zweven in de ruimte. Wat ook opvalt, is dat de Christus heel erg lijkt op de Vincent van Gogh zelf. Het is een zelfportret. De mensen die van deze schilder studie hebben gemaakt, zeggen wel dat van Gogh zich heel zijn leven verwant met Jezus heeft gevoeld. “Vincent van Gogh heeft zelf een Christus willen zijn!” (Van Gogh wilde Jezus zijn, Dora Rovers Trouw: − 27/07/15)

Ik word ten eerste geraakt door de figuur van Maria, dat is ook de bedoeling van een Piëta. Door haar gaat mijn mededogen uit naar voor alle vaders en moeders, die lijden om het zware en erge wat hun kinderen overkomt: ouders die misschien hun kinderen hebben moesten begraven. In die losse handen vermoed ik de pijn van de machteloosheid…ze hebben het lijden van hun kind niet kunnen voorkomen of wegnemen.

Maria is helemaal in het blauw en blauw is in de kunst de kleur van de hemel. Dit blauw roept vragen in mij op: De gestorven Christus is niet echt geborgen in de handen van Maria. De hemel lijkt soms ook machteloos te zijn tegenover al het kwaad wat mensen moeten ondergaan. Wordt er in de hemel ook geleden, om alles wat hier gebeurt?
Het blauw en de losse handen doen mij herinneren aan de keren dat ik mij in mijn moeiten door de hemel in de steek gelaten voelde, er waren geen veilige armen om mij heen. Een ervaring die velen delen.

Juist door dit blauwe, verschuift mijn blik naar Christusfiguur, Hij die zelf zo heeft geleden en ook staat voor allen, die lijden. Deze gestalte licht op: op Hem en vanuit Hem is er licht. Het licht van de opstanding? Het evangelie van de opstanding vertelt dat het lijden niet het laatste woord heeft.

De Bijbel vertelt ons dat God compassie heeft voor het lijden hier op aarde. Het is vooral ook aan de kerk, de geloofsgemeenschap om die ontferming en dat medelijden in diaconaat en pastoraat handen en voeten te geven in de praktijk. Om door mee-te-lijden het lijden te ver-lichten. Om de hoop levend te houden dat het lijden niet het laatste woord heeft.
 
Zo dor en doods
zo levenloos
verlamd, uiteen geslagen
zonder hoop en zonder troost
slijten wij de dagen.

Kom dan en spreek
uw woord en breek
zo onze graven open
Wil ons met de geesteskracht
van uw adem dopen.

Wek ons voorgoed
Zet met uw gloed
ons recht op onze voeten.
Vol van leven zullen wij
’t morgenlicht begroeten.
(NLB 610: 1, 4, 5)
terug