Project voor 2019: Vaktrainingen voor werkende kinderen in Bogotá Project voor 2019: Vaktrainingen voor werkende kinderen in Bogotá
Dit jaar hebben we gekozen voor een project in Colombia.
Op verschillende momenten in dit jaar zullen we in de kerk aandacht voor dit project vragen.



Opgroeien onder moeilijke omstandigheden.
 Bogotá heeft ruim 8 miljoen inwoners. De stad is enorm gegroeid, vooral door de komst van mensen van het platteland, die er werk zoeken en de gevechten ontvluchten tussen het leger en de rebellengroep FARC, die al tientallen jaren duren.
Omdat er niet voldoende goede huizen zijn, wonen veel mensen in sloppenwijken. Het tekort aan werk, slechte gezondheidszorg en onderwijs, leidt tot grote sociale problemen, drankmisbruik en vaak huiselijk geweld. Vooral kinderen zijn hiervan de dupe.
 
FPT: een betere toekomst voor de kleine arbeiders
Ieder kind heeft recht op een goede toekomst en een leven zonder geweld en armoede. Vanuit die motivatie werd Fundación Pequeño Trabajador (FPT, Stichting Kleine Arbeider) in 1988 opgericht.
 
De organisatie startte met een school in de wijk Patio Bonito in het zuiden van Bogotá, waar veel vluchtelingen wonen. Zestig procent van de kinderen op de school zijn gevlucht naar Bogotá door geweld elders in het land. Minstens twintig procent van de leerlingen is gedwongen om buiten schooltijd te werken, vaak als vuilnisraper of als drager op de markt. Hun gezinnen zijn ontwricht en er moet brood op de plank komen. FPT biedt onderwijs dat bij deze kinderen past en maakt hen weerbaar voor de omstandigheden waarin ze opgroeien. De school zoekt naar alternatieven voor werk, zodat kinderen wel veilig zijn en niet te zwaar werk hoeven te doen. Ze leren bijvoorbeeld producten maken, die ze kunnen verkopen.
“Elke dag laden mijn vader en ik onze kar vol met  koopwaar. Die spullen verkopen we in de buurt om zo de kost te verdienen. Mijn vader werkt van 7 uur ’s ochtends tot 3 uur ’s middags. Ik werk zelf van 8 tot 11 uur. Dan ga ik naar huis en maak me klaar om ’s middags naar school te gaan. Ik vind veel vakken leuk. De drie leukste vakken vind ik sociale studies, daarna wiskunde en dan kunst. Ik studeer om vooruit te komen in het leven. Ik heb twee dromen: rechten studeren of modeontwerper worden. Op zaterdag ga ik altijd naar een bijeenkomst van mijn school. Daar leren we over politiek. Het is fout dat mensen die het onderste uit de kan willen, gebruik maken van kinderarbeid.”
John Mario (11 jaar)
terug